Blog

Terug

2010-02-10 - De patron

15 februari is altijd een bijzondere dag voor mij. Niet alleen is het de fictieve verjaardag van Fanny, maar ook die van de Kiekeboestrip.  Dit jaar is het op 15 februari precies 33 jaar geleden dat de eerste aflevering van De Wollebollen verscheen in Het Laatste Nieuws. Maar 15 februari is eveneens de geboortedag van Willy Vandersteen. Moest de man nog leven, zou hij 97 zijn geworden.

Ik had de eer om ruim vijf jaar voor hem te werken.  Daardoor kwam ik in de periode 1970 - 76  bijna dagelijks met hem in contact. Hij stond toen op het toppunt van zijn roem. In de tijd dat ik er werkte, steeg de oplage van Suske en Wiske van 100.000 naar 400.000 exemplaren. Laat ik er onmiddellijk aan toevoegen, dat ik hieraan geen enkele verdienste had.

 

Karel Biddeloo had me bij de meester geïntroduceerd. Voor de wekelijkse Duitse Jerom- en Bessyverhalen waren er steeds handen te kort. Ik herinner me nog die avond dat ik naar Kalmthout mocht komen om hem mijn proeftekeningen te tonen. Van de bushalte in Heide tot bij de studio was een klein half uurtje stappen. Daar aangekomen, bekeek hij mijn tekeningen en concludeerde dat ik kon vertellen in beelden. Dat vond ik een heel compliment. Ik werd meteen aangenomen.

 

Terug aan de bushalte was de laatste bus richting Antwerpen net vertrokken. Er was nog wel een trein, maar daarop moest ik anderhalf uur wachten. In het dorp van Heide viel er ’s avonds echt niks te beleven. Geen enkele kroeg was er open. Je kon er als het ware in je blote kont over straat lopen. Niet dat ik dat deed. In de plaats daarvan liep ik anderhalf uur lang het perron op en neer. Zielsgelukkig, want ik had mijn eerste professionele job in het stripvak te pakken!  

 

Dat hield in: het inkten van Jerom platen. Doodzenuwachtig mocht ik met een pennetje en Oostindische inkt over de minitieus uitgewerkte potloodtekeningen van de meester gaan. Zeg maar, ze naar de bliksem helpen. Negatieve opmerkingen gaf hij echter nooit. Dat vuile karweitje liet hij over aan Paul Geerts. En Paul spaarde zijn kritiek niet. Prettig was anders, maar ik heb er enorm veel van geleerd.  

 

Mijn Vandersteen-tijd was mijn echte opleiding, veel meer dan de tekenschool. De meester dagelijks aan het werk zien, was een voorrecht.  Hoe hij zijn scenario’s opbouwde,  elke pagina samengevat in één zin. De manier waarop hij daarna alles in beeld bracht. Eerst tekenen en dan pas de dialoog schrijven. Ik moet het zien gebeuren voor ik de figuren woorden in de mond leg, zei hij altijd. En dan zijn efficiënte manier van werken, een noodzaak bij zo’n reusachtige productie. Op dezelfde tijd dat je iets fout tekent, kan je het ineens goed doen, adviseerde hij ons. Zijn werklust was legendarisch. In die jaren deed hij naast zijn dagelijkse portie Suske en Wiske ook nog de Safaristrip, bedacht en tekende hij de wekelijkse gag van de familie Snoek en schetste voor mij Jeromverhalen, die hij ter plekke verzon. Als de werkdruk van de studio te groot was, deed hij  er ook nog een Bessy bij. Onvoorstelbaar. Maar dat was Willy Vandersteen: ofwel keihard werken, ofwel keihard feesten. Beiden deed hij met dezelfde intensiteit.

 

Na een paar jaar mocht ik volledig zelfstandig Pats tekenen. Onder impuls van Paul Geerts ging ik er zelf scenario’s voor schrijven. Wat verhalen betrof, zaten Vandersteen en ik op dezelfde golflengte. Ik kende zijn werk door en door en ik wou toch atijd al een beetje worden zoals hij. Een echte vriendschapsrelatie tussen ons is er nooit geweest. Daarvoor was het ontzag voor mijn jeugdidool te groot. Bovendien creëerde hij zelf een afstand. Hij liet zich door zijn medewerkers steevast aanspreken met patron. Niemand haalde het in zijn hoofd om Willy te zeggen. Op dat punt was hij een ouderwetse baas die, alhoewel hij in zijn eigen huis werkte, meestal op kantoor verscheen met een das om.

 

Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Was ik in het vak gegaan om tot mijn pensioen studio-medewerker te blijven? Ik wilde een eigen strip maken. Ik besefte dat het een groot risico inhield. Als het mislukte zou ik er een kater aan overhouden. Maar als ik het niet deed, zou ik later met een nog veel grotere kater blijven zitten. Toen ik na veel vijven en zessen de kans kreeg om Kiekeboe te maken voor Het Laatste Nieuws, moest ik Vandersteen vertellen dat ik wegging. Ik heb er een nacht niet van geslapen. Eindelijk begon ik een beetje te renderen en toen liep ik weg. Het had iets van het uit maken met je lief. Maar de patron nam het zeer sportief op. Strips met je eigen naam op, of het nu verkoopt of niet, dat is toch onbetaalbaar. Dat begreep hij heel goed.

 

In 1990, net voor mijn overstap naar Standaard Uitgeverij, vroeg de toenmalige directeur zijn sterauteur of hij geen bezwaar maakte tegen mijn komst. Ik kwam tenslotte uit zijn stal en was toch een beetje concurrentie. In een ver verleden had hij zich daar waarschijnlijk tegen verzet. Want tijdens zijn topjaren was een Vlaams stripmonopolie zijn doel. Op de plaats waar ik sta kan niemand anders staan, was zijn devies. Vandaar al die nevenreeksen. Later werden die een blok aan zijn been, met veel personeelskosten en weinig return. Maar in de winter van zijn leven was hij een stuk milder geworden en vond het best dat ik zijn uitgeverij kwam vervoegen. Elke extra peiler maakte de positie van Standaard Uitgeverij alleen maar sterker, was zijn redenering.

 

Kort daarop stierf  hij. Toevallig in dezelfde week als mijn moeder. Onze laatste ontmoeting vond plaats in het ziekenhuis. Er schoot niets meer over van de eens zo flamboyante levensgenieter. Voor mij zat een oude man, getekend door zijn ziekte. En voor het eerst zag ik hem met grijs haar. Nooit had ik me gerealiseerd dat hij zijn haren verfde. Toen ik hem trots mijn eerste album met Standaard label overhandigde, beloofde ik dat we het samen met de uitgever zouden vieren als hij weer genezen was. Er verscheen een monkelend lachje op zijn lippen. En voor de laatste keer zag ik in zijn ogen nog even hetzelfde vuur van in zijn gouden jaren.

 

 

 

 

 

 

 

 

4 reacties

Nadine

12/03/2010 17:34:41

Oei, De Wollebollen, is dat echt al 33 jaar geleden? Ik herinner mij dat nog; verdikkie, ik word óók oud…
Fijne blog overigens.

pieter (grote kiekeboe fan)

24/02/2010 16:00:10

bestaat fanny dan echt ? happy birhtday fanny xp
ik ben pieter ik ben een grote fan van kiekeboe !
maar een vraagje en als je het beantwoord weet ik al genog:
beantwoord je ook vragen ??

yvan

15/02/2010 11:02:13

dat was een goed verhaal.

Ben

11/02/2010 9:34:46

Mooi verhaal over Vandersteen. Goed geschreven ook.

Reageer op dit artikel

Please leave this field empty. 

Terug

Blijf op de hoogte van de nieuwe albums en leuke weetjes van de Kiekeboes.

Klik hier

Dagstrip

Hier kan je de voorpublicatie van het nieuwe de Kiekeboes-album 126 Tienduizend dagen lezen!